
Sommige vragen beginnen pas wanneer je ontdekt dat je eigen verhaal niet compleet is.
Een roman over identiteit, familie, afkomst en de moed om te ontdekken wie je werkelijk bent.
Wie stevig wortelt blijft, wie niet goed weet te gronden, wordt weggespoeld met het volgende getij.

Waar gaat het over?
Sagit is op zoek naar haar afkomst.
Op twaalfjarige leeftijd ontdekt ze dat ze is geadopteerd. Na een lange strijd met haar adoptieouders om meer over haar identiteit te weten te komen, gaat ze op zoek naar haar biologische moeder. Later spoort ze ook haar biologische vader op, die ze op een onverwachte plek terugvindt.
Haar zoektocht voert haar uiteindelijk naar Nieuw-Zeeland. Daar begint ze een nieuw leven als Sarah, sluit ze vriendschap met Heke, en raakt haar eigen verhaal steeds meer verbonden met de geschiedenis van dit land en de Maori.
TTegelijkertijd vertelt Koekoekskruid het verhaal van Anna, die in 1868 naar Nieuw-Zeeland reist en na een schipbreuk bij een Maori-stam terechtkomt. Terwijl ze herstelt, ziet ze van dichtbij hoe het land van deze stam wordt afgepakt — en wordt ook zij gedwongen na te denken over waar ze thuishoort.
Twee vrouwen, twee tijden, en één band tussen hen die dieper blijkt te gaan dan Sagit zelf beseft.
De zoektocht
Sagit maakt een landkaart van haar zoektocht.
Iedere ontdekking krijgt een plek. Nieuwe namen worden verbonden met oude verhalen en langzaam ontstaan er nieuwe wegen.
De kaart groeit mee met haar zoektocht — en met haar beeld van zichzelf.
Wanneer een nieuwe ontdekking haar dichter bij iemand brengt, ontstaat er een nieuwe verbinding. Zo krijgt haar kaart steeds meer betekenis. Een van de wegen die ze tekent noemt ze de Weg van Herkenning.
Een zoektocht naar waar ze vandaan komt wordt langzaam een zoektocht naar wie ze is.
Thema's
Ontworteling
Bijna niemand in dit boek is waar hij oorspronkelijk vandaan komt. Wat doet dat met een mens — en met een heel volk?
Identiteit
Wie ben je, als anderen al jarenlang hebben bepaald wie je bent?
Thuiskomen
Is thuis een plek die op je wacht, of iets wat je zelf, stap voor stap, moet bouwen?
Familie
Bloed maakt geen familie. Maar wat dan wel?
Elk van de dertien hoofdstukken opent met een korte, poëtische observatie uit de natuur van Nieuw-Zeeland — een beeld dat net zo goed over het hoofdstuk zelf blijkt te gaan.
Lees een fragment
Ik vind het heerlijk om in de ongerepte bossen te lopen en alleen het gezang van de cicaden te horen en de vreemde kakofonie van inheemse vogels. De klokvogel maakt mooie hoge tonen, duidelijk te onderscheiden van het zingen van de andere vogels. Maar de tūī is de grootste geluidskunstenaar van allemaal; hij klikt, kakelt, fluit als de klokvogel en klinkt als een stuk krakend hout. Hij is zijn Engelse naam verloren, hij heeft alleen zijn originele Māori-naam nog.
Haar moeder zit beneden voor de televisie, haar vader is aan het werk in zijn studeerkamer. Sagit gaat naast haar moeder zitten.
‘Ik moet een werkstuk maken voor school’.
‘Oh, heb je het afgekregen?’
‘Nee, ik moet de familiestamboom opschrijven.’
‘Dat is simpel, die ken je, of moet je ook de broers en zusters van opa en oma erbij betrekken? Hoever moet je teruggaan?’
‘Ik wil graag mijn naam hebben, hoe ik eerst heette.’
Haar moeder zucht met opeengeperste lippen. ‘Begin je nu weer?’
‘Nee, ik begin niet weer, ik heb alleen mijn naam nodig.’
‘Je naam is Sagit en daarmee basta. Je hebt een naam.’ Haar moeder wendt zich demonstratief naar de televisie.
Sagits hart begint te bonzen en voelt een ontembare woede naar boven komen. ‘Ik vraag het nu al drie jaar en je hebt het me nooit verteld, ik heb er recht op!’ roept ze met veel te veel stemverheffing.
‘Je hebt nergens recht op, je bent ons kind en zolang je hier woont, ben je gewoon Sagit. We hebben altijd alles voor je gedaan en we krijgen niets anders dan een grote mond van je. Je bent ondankbaar!’ Haar moeder richt haar blik boos op de televisie. Sagit marcheert ernaartoe en zet hem uit.
‘Sagit!’
Op dat moment komt haar vader binnen. Hij overziet de situatie en gaat bij haar moeder zitten. Sagit staat met een verbeten gezicht tegenover haar ouders.
‘Ik wil het weten,’ briest ze.
Haar moeder begint te huilen en haar vader wordt boos. ‘Heb je het weer voor elkaar gekregen? Goed gedaan, Sagit, je hebt je moeder overstuur gemaakt met je eeuwige nieuwsgierigheid. Ga naar je kamer.’
‘NEE!’ Ze moet en zal het vanavond horen. Al moet ze het met haar eigen handen uit hun mond wringen. ‘Nee, ik ga niet weg. Jullie moeten het zeggen, het is laag en gemeen en jullie zijn walgelijk. Ik haat jullie!’ schreeuwt ze.
Terwijl haar moeder alleen maar harder gaat huilen, kijkt haar vader haar ontzet aan. ‘Evelyn. Ben je nou tevreden? Het is Evelyn. Evelyn Renata.’
Sagit is helemaal uit het veld geslagen. ‘Dank je wel,’ zegt ze zacht en verlaat de kamer.
Evelyn Renata. Evelyn. Renata. Het voelt erg onwennig. Ze weet niet eens of ze het mooi vindt, maar ze is er helemaal verguld mee. Ze wil het de hele dag zeggen. Evelyn. Renata. Haar moeder heeft ooit deze namen voor haar bedacht. Niet zomaar een naam, maar een echte naam waarover is nagedacht. Misschien wel een familienaam. Ze stelt zich een hele rij Evelyns voor, waarvan zij de laatste is. De volgende dag vertelt ze het aan Emma. Het is nog vreemd om deze naam hardop te zeggen, alsof het om een geheime toverspreuk gaat. Emma is praktischer.
‘Renata, mooi. Dat betekent Opnieuw Geboren. Zou je moeder Italiaans zijn? Of misschien je vader wel!’
Sagit vindt het wel een spannende gedachte.
‘Je hebt dan misschien wel rood haar, maar je hebt absoluut de bruine ogen van een Italiaan.’ Ze beginnen allebei te giechelen.
Koekoekskruid
Een roman over afkomst, identiteit en de zoektocht naar een plek waar je jezelf kunt herkennen.